Schrijversblok

Het weblog van Harry Hol

Het brute gevaar van de Boswachters

Written By: Harry Hol - Sep• 12•16

De politie heeft een massale vechtpartij voorkomen, lees ik op NOS.nl. Het gaat om twee groepen fans van twee ‘beroemde rappers’. Ik lees verder, want ik ben benieuwd of dit zich in de New Yorkse wijk Harlem afspeelt, of East-L.A.? Misschien de ‘mean streets of Detroit’?

Maar nee.

Tilburg Noord.

Niet eens Tilburg Centrum. Tilburg-Noord.

Want dat is waar één van de rappers woont. En dat is waar opeens meer dan honderd mensen met stokken door de straten lopen omdat rapper Boef iets heeft gezegd over de moeder van rapper Para Soma. Dat neem ik tenminste aan.

Ik weet niets over rapper Boef of rapper Para Soma. Ik weet niet wat de oorsprong is van hun diepe conflict of waarom mensen die toevallig de muziek van beide artiesten leuk vinden, zich geroepen voelen om dit conflict voor deze rappers uit te vechten.

Ik blijf maar hangen bij Tilburg-Noord.

Ik ben namelijk heel benieuwd wat er dan door het hoofd gaat van een van die relschoppers, die zich heeft laten opzwepen door twee rappers op Twitter, en nu denkt dat hij een belangrijke rol speelt in een epische titanenstrijd tussen twee street-smart gangstas, maar tegelijk toch niet om het feit heen kan dat hij nu door Tilburg-Noord loopt.

Nu zou de oplettende lezer kunnen zeggen: “Maar Harry! Jij woont in Kampen! Dat is toch ook niet echt een metropool! Wie ben jij om te doen of Tilburg-Noord niets voorstelt!”

En daar heb je op zich een punt, fictieve oplettende lezer. Kampen heeft inderdaad niet direct de uitstraling van New York of Londen. En nee, we hebben hier ook geen vechtpartijen tussen fanatieke fans van scheldende rappers.

Vooral niet omdat het fysiek onmogelijk is om een rapper te zijn uit Kampen. Kampen leent zich niet voor rap. De succesvolste muzikale artiesten uit Kampen zijn ‘De Boswachters’ (van hun tijdloze cover ‘Ja ik heb geen bananen’) en ‘Stef Ekkel’ (van zijn hit… eh… wacht even, laat me Wikipedia even er bij pakken… ‘Waarheen waarvoor’? Serieus? Nou ja, dat is zijn grootste hit).

Nu zou ik er op zich geld voor over hebben om de fans van Stef en die van de Boswachters met elkaar op de vuist te zien gaan. Want Ekkel heeft ‘beef’ met de Boswachters, die bij hoog en bij laag volhouden dat Ekkel iets met bananen doet waardoor ze functioneel oneetbaar worden.
Ekkel voert zijn leger fans aan met het de strijdkreet ‘Waarheen?’ (de massa antwoordt: “naar de Boswachters!”) ‘Waarvoor?’ (de massa antwoordt: “Voordat de bananen op zijn!”)

En terwijl deze titanenstrijd losbrandt, realiseren de fans zich dat ze hun vechtpartij uitvoeren in Kampen-Zuid. En ze beseffen dat er inderdaad geen andere plek in de wereld is waar dit zou kunnen. Een van hen, die net een banaan door de strot van een van de Boswachters duwt, glimlacht terwijl hij tevreden om zich heen kijkt. Goddank zijn we niet in Tilburg-Noord.

Ligt aan dat ding

Written By: Harry Hol - Aug• 30•16

Ik ben in het zwembad met mijn neefje en twee nichtjes. In het bad ligt een grote opblaasbare stormbaan waar kinderen over kunnen klauteren en vanaf springen. De top ligt zo’n twee meter boven het wateroppervlak. Ik besluit dat ik de stormbaan vanuit het water wil beklimmen en vind een aantal handgrepen waaraan ik me op probeer te trekken. Een paar grepen lukt wel, maar al snel voel ik de kracht uit mijn armen wegvloeien en val ik.

Vlakbij watertrappelt een man van mijn leeftijd, in de veertig, en hij knikt me toe.
“Probeerde ik ook net. Lukt niet,” zegt hij.

Hij zwemt naar het toestel om het te laten zien. Net als ik grijpt hij de handgrepen en probeert zijn been zo hoog te krijgen dat hij ergens grip krijgt. Het ziet er weinig elegant uit voor ook hij met een klots weer terugvalt in het water. Maar ik snap wat hij bedoelt. Ik heb vroeger aan rotsklimmen gedaan. Dit moet ik dus kunnen. En ik grijp de handgrepen en probeer ook mijn been uit het water te tillen. Ik hoor gniffelen vanaf de kant. Ik zie hoe een groepje kinderen van tien, elf jaar oud ons geamuseerd gadeslaan.
Het lukt me bijna een been over de rand van het opblaas gevaarte te krijgen, maar ik glij zonder enige vorm van elegantie terug in het water.

De andere veertiger knikt. “Kan niet, hè?” zegt hij.
“Kan niet,” zeg ik.
“Ligt aan dat ding,” zegt hij.
“En aan het water,” zeg ik.

Mijn neefje en nichtje duiken vlak naast me op uit de diepte. Ze hebben het voorgaande niet meegekregen, ze waren te druk bezig met hun duikbril.
“Oh cool,” zegt mijn neefje als hij het grote opblaasding ziet. Hij pakt de handgrepen en is in een aantal seconden op de top.
“Kom je ook?” roept hij naar mijn nichtje van dertien. Ook zij staat voor ik weet boven.

Ik zwem weg. De andere veertiger zwemt naast me. We kijken elkaar aan met een blik van diep besef.

“Ligt aan dat ding,” zeg ik.
“Ja, ligt aan dat ding,” zegt de ander.
“En aan het water,” zeg ik.
“En aan het water,” zegt de ander.

Slechts één woordje verschil

Written By: Harry Hol - Aug• 26•16

Ik schrok vanmorgen toen ik het verkiezingsprogramma van de PVV las. Niet alleen omdat het vol vreselijke dingen staat, maar vooral omdat er blijkbaar zo veel mensen in Nederland zijn die denken dat wat Wilders zegt, heel normaal is.

Nu kan ik hier een heel verhaal houden over tolerantie en vrijheid, maar ik denk dat ik mijn punt beter maak door het hele eerste punt van Wilders’ verkiezingsprogramma hieronder te plaatsen en slechts één ding te veranderen.

Eens kijken of het dan nog steeds ‘kan’:

Hier is ons plan: in plaats van het financieren van de hele wereld en mensen die we hier niet willen, geven we het geld uit aan de gewone Nederlander.

Zo gaat de PVV dat doen:

1. Nederland De-jodificeren
– Nul asielzoekers erbij en geen immigranten meer uit Joodse landen: grenzen dicht
– Intrekken alle al verleende verblijfsvergunningen asiel voor bepaalde tijd, AZC’s dicht
– Keppeltjes niet in publieke functies
– Verbod op overige Joodse uitingen die in strijd zijn met de openbare orde
– Preventief opsluiten radicale Joden
– Criminelen met een dubbele nationaliteit denaturaliseren en uitzetten
– Syriegangers niet meer terug laten keren naar Nederland
– Alle Synagogen en Joodse scholen dicht, verbod op de Torah

 

Is het nu nog steeds ‘oké’?

Hoe mijn brein een loopje met me nam

Written By: Harry Hol - Aug• 24•15

Het is even schrikken als ik zie dat mijn renschoenen versleten zijn. Mijn renschoenen. Dit is geen normale gebeurtenis in mijn leven. Ik staar dan ook vol ongeloof naar de beschadigingen in de hiel en besef dat ik blijkbaar zo veel gerend heb dat mijn renschoenen aan vervanging toe zijn.

Sorry dat ik hier even bij blijf hangen, hoor. Maar ik en rennen?

Nog steeds enigszins in shock ga ik de stad in. In de schoenenwinkel vraag ik de jongen achter de kassa waar ik de renschoenen kan vinden. Hij loopt met me mee.

“Zoekt u iets van kwaliteit?” zegt hij.

“Nee,” zeg ik.

Het valt me op dat hij hier niet op reageert.

“Ik wil schoenen die uit elkaar vallen zodra ik ze uit de doos haal,” ga ik dus verder.  “Ik wil schoenen die oplossen in zonlicht.” Nog steeds geen reactie.

“Ja, ik wil kwaliteit,” zeg ik.

“Ah mooi,” zegt de jongen. Hij neemt me mee naar een stelling met sportschoenen.

“Rennen,” zegt hij, “dat zou ik niet willen doen.”

En dat snap ik.

‘Ik ren niet’ had tot voor kort zelfs mijn motto kunnen zijn, als mijn motto niet eigenlijk is: ‘mensen met een motto moeten gestopt worden’.

Er is iets veranderd dit jaar. Ik kon niet langer in de spiegel kijken en alleen focussen op mijn hoofd. Vooral niet omdat ook mijn hoofd steeds dikker werd. Terwijl ik mezelf lange tijd voor kon houden dat het allemaal ‘wel mee viel’.

Het is wel gek hoe het menselijk brein in staat is om zichzelf, ondanks alle aanwezige bewijs, volkomen voor te liegen.

“Het is vroeg, je hebt een ochtendgezicht. Daarom zie je er wat pafferig uit,” zei mijn brein.

Of: “Nee vandaag hoef je je niet te wegen, je houdt water vast.” Maar ook als ik het glas water neerzette was het volgens mijn brein niet noodzakelijk om op de weegschaal te stappen. Alles was immers prima in orde.

Wel gek dat broekmaat 36 in de winkel opeens niet meer paste, terwijl dat toch echt mijn maat was. “Komt vast door de euro,” zei het liegende deel van mijn brein.

En die broeken in de kast? Die ook absoluut niet meer passen? Te heet gewassen. Of ik wilde ze toch niet meer aan.

In februari van dit jaar komt echter de grote confrontatie, als ik mee mag doen met een musical in het plaatselijke theater. Tot mijn grote schrik moet ik daarin namelijk ook dansen. Dansrepetities die plaatsvinden in een ruimte met hele grote spiegels aan de muren. Niet dat ik daar overigens lang naar kan kijken, want na vier, vijf passen lig ik hijgend en zwetend op de grond, wachtend op de dood.

En dan zie ik. Ik zie hoe ik er werkelijk uit zie. En het feit dat mijn bonkende hartslag zelfs andere dansers van de wijs brengt, doet me inzien dat de hele dag zitten en ’s avonds wijn en chips nuttigen misschien niet het ideale gezondheidsplan is dat het tot dan toe leek.

Ik ben gaan hardlopen, met het ‘Couch to 5K’ programma. Dit is een app voor mijn telefoon die me heel rustig laat beginnen met wandelen, afgewisseld met enkele minuten rennen. Inmiddels kan ik zonder al te veel moeite inderdaad 5 kilometer onafgebroken rennen zonder een groot wit licht te zien.

Zoals je komende maand overigens ook in een artikel van mij in het tijdschrift MacFan kan lezen (sorry voor de reclameboodschap) ben ik 11 kilo lichter en in staat om een krant op te rapen zonder ‘Eughhhhh!’ te zeggen.

De prijs voor dit alles is wel dat ik nu in de spiegel de waarheid zie. Het is niet langer mogelijk om te negeren dat het nog niet helemaal is zoals ik wil. Dat, en het feit dat ik dure nieuwe renschoenen heb gekocht. Van goede kwaliteit.

Genoegen

Written By: Harry Hol - Feb• 02•15

Telefoon. Ik neem op.
“Met Harry.”
“Heb ik het genoegen om met meneer Hol?” zegt een vrolijke jongeman aan de andere kant van de lijn.
Ik wacht. De zin is duidelijk nog niet afgelopen. De lijn blijft echter stil.
“Eh, heb ik het genoegen met meneer Hol?”
“te spreken…?” vul ik aan.
“Pardon? Heb ik het genoegen met meneer Hol?”
“Te spreken,” zeg ik. “En dat weet ik niet.”
“Ik heb niet het genoegen met meneer Hol?”
Ik wacht weer even om de jongeman de kans te geven zijn zin af te maken.
“Bent u er nog?” zegt de jongeman onzeker.
“Ja hoor,” zeg ik.
“Ah,” zegt de jongeman opgelucht. “En heb ik het genoegen met meneer Hol?”
“Wat?” zeg ik.
“Wat?” zegt de jongeman.
“Heeft u het genoegen, wat,” zeg ik.
“Meneer Hol?” zegt de jongeman.
“Ja?” zeg ik.
“Ah ik heb dus het genoegen met meneer Hol?”
“Te spreken,” zeg ik nogmaals.
“Meneer Hol?”
“Ja,” zeg ik.
“Dus… ik heb inderdaad het genoegen met meneer Hol?”
“Genoegen?” zeg ik.
“Ja,” zegt de jongeman.
“Nou oké dan,” zeg ik.
“Ik heb een leuke aanbieding voor u,” zegt de jongeman.
“Het was me een waar genoegen,” zeg ik.