Schrijversblok

Ik verzin dit niet
Subscribe

Wij garanderen u dat we niets garanderen

January 04, 2010 By: Harry Category: Column

Reading time: 2 – 3 minutes

Ik heb sinds juli een iPhone, die het prima doet. Hetzelfde kan ik niet zeggen van de bijgeleverde koptelefoon, waarvan de rechter oordop het heeft begeven.

Daarom keer ik dus terug naar Bel Company in Kampen, waar een zenuwachtig kijkende jongeman mijn verhaal aanhoort en vervolgens op de website zoekt naar de garantie voorwaarden. En tot mijn opluchting blijkt dat T-Mobile maar liefst een jaar garantie geeft op de bijgeleverde koptelefoon. De jongeman moet het echter nog checken bij zijn ‘hoofdkantoor’ en deelt mij het volgende mee:

“Wij geven er maar drie maanden garantie op.”
“Maar er staat toch één jaar op de site?” zeg ik. “En zelf zeg je net ook één jaar!”
“Ja, dat klopt. Maar wij geven er toch maar drie maanden garantie op.”
“Maar ik heb er toch recht op?”
“Klopt. En toch geven we maar drie maanden. En dan moet ik ook de iPhone meesturen met de koptelefoon voor reparatie.”
“Maar de telefoon doet het gewoon!” zeg ik.
“Dit is ons beleid,” zegt de jongen.

Ik ga naar huis en bel boos met T-Mobile.

“Natuurlijk geven we een jaar garantie,” zegt de jongen aan de telefoon. “Komt u maar naar onze winkel in Zwolle, dan lossen we het op.”

Opgelucht ga ik met de headset naar Zwolle, waar een zenuwachtige jongeman van de T-Mobile winkel me naar mijn kassabon vraagt.

“Die heb ik niet. Ik heb wel jullie eigen contractbevestiging meegenomen.”
“Dat is niet voldoende,” zegt de jongeman.
“Waarom niet?”
“Dat is ons beleid. We moeten een aankoopbewijs hebben.”
“Maar dit is een aankoopbewijs. Dit is jullie aankoopbewijs! Ik betaal iedere maand aan jullie en heb een contract met jullie! Dan kun je toch ook ergens in die T-Mobiel computer zien wanneer ik mijn iPhone gekocht heb?”
“Vast wel, maar zonder kassabon mag ik hem niet opsturen.”
“Ik kan wel een bankafschrift kopiëren… dat is ook wettelijk een aankoopbewijs…” zeg ik enigszins wanhopig.
“Dat zou je denken,” zegt de jongeman, “maar u bent niet de eerste die hier tegenaan loopt. We accepteren geen bankafschrift als bewijs.”
“Ja maar…”
“Dit is ons beleid.”

Ik moet nu dus op zoek naar een bonnetje, waarvan ik niet eens zeker weet of ik die ooit gekregen heb. Een handtekening was voldoende om met een iPhone en abonnement de winkel uit te lopen. Wat een vertrouwen hadden ze in mij.

Kernwoord in die laatste zin: ‘hadden’.

Lelijk woord punt nl

December 02, 2009 By: Harry Category: Column

Reading time: 2 – 2 minutes

In de veilige jaren tachtig was ik druk in de weer met computers. Ik maakte ook zelf spelletjes, die ik dan liet zien aan een buurjongen. Op een gegeven moment was ik heel trots op een avonturenspel over spionage. Je was daarin lid van een soort Nederlandse CIA. De naam die ik daarvoor bedacht had vond ik op dat moment briljant. Toen ik het spel aan mijn buurjongen liet zien begon hij hard te lachen. Ik had namelijk mijn Nederlandse CIA de naam Geheime Veiligheids Dienst gegeven. De GVD.

Ik moest hier aan denken toen ik hoorde dat de Bond tegen het Vloeken op patrouille ging op Twitter, om daar mensen aan te spreken op hun taalgebruik. De bond had vastgesteld dat het onmogelijk was om het hele internet belerend toe te spreken, maar een dienst als Twitter was nog wel te overzien. Dat ze hiermee diverse tegencampagnes inspireerden tot zo creatief mogelijk vloeken was voor de bond een volslagen verrassing.

Ik was benieuwd of de ‘tegen campagnes’, zeg maar de ‘pro vloek beweging’ zich inmiddels ook beter ging organiseren. Dat vroeg om gedegen onderzoeksjournalistiek. Dus gewapend met een kop koffie en een gevulde koek dook ik diep in de duistere krochten van internet.

En mijn ontdekking was schokkend.

Vergeet de da Vinci code. Vergeet de Vrijmetselaars, de tempeliers en de illuminati. Het hoofdkwartier van de vloekers bevindt zich in het hart van… de overheid.

Het is namelijk diezelfde overheid die de enige eigenaar is van

www.godverdomme.nl

Dit is het bewijs. Er is een Grote Samenzwering gaande, waar onze eigen Nederlandse overheid diep in zit. Het zou me dan ook niets verbazen als er daadwerkelijk een super geheime organisatie bestaat met de naam GVD. Het is de enige verklaring.

Blijkbaar gedroeg ik me staatsgevaarlijk

December 01, 2009 By: Harry Category: Column

Reading time: 2 – 4 minutes

Ik ben in Londen voor een interview. Uiteraard ben ik de laatste journalist die aan de beurt is, en mijn vliegtuig terug vertrekt om tien voor zes. De PR mensen die dit alles gepland hebben, gingen er blijkbaar van uit dat Londen geen files heeft. En spitsuur? Dat kennen ze hier vast niet…

Met mij collega’s wordt ik in een taxibusje geplaatst en de race tegen de klok begint. En met ‘race’ bedoel ik in dit geval ’stilstaan tussen honderdvijftigduizend andere auto’s’. De chauffeur kijkt ons pijnlijk aan. “Ik vrees het ergste.”

Het is inmiddels half zes. De gate van mijn vlucht sluit om kwart voor. Ik spring uit de bus, sleep mijn rugzak mee en ren richting douane. Een rij, uiteraard. Maar tot mijn gelukzalige verbijstering laat de een na de ander mij voorgaan. Kennelijk straalt de paniek van mijn gezicht. De beveiliger bij de X-ray machine is minder coulant en staat er op dat ik mijn schoenen en riem verwijder. Gelukkig gaan er geen zoemers en ik spring door het poortje alsof ik kandidaat ben voor Hole in the Wall.

Ik verzamel mijn spullen, trek mijn schoenen aan en ren half hinkend door de hal, richting roltrap. Hierop staan mensen tot mijn grote frustratie niet rechts. Ik verontschuldig me hardop en werk me langs de obstakels. Maar halverwege staan drie enorme kerels en ze lijken niet van plan te zijn opzij te gaan.

“Keep to the right,” snauw ik ze toe, en werk me langs hen heen.

“Oi!” hoor ik achter me roepen. Ik negeer het en ren naar de gate. Deze is dichter bij dan ik verwacht en met tien minuten speling heb ik het gehaald. Dan komen de drie mannen rustig aanwandelen. Een van hen stapt op me af.

“Ik ben van de politie. Was dat nou nodig om als een dolleman over de trap te rennen? Ik wil uw papieren zien.”

De man is duidelijk ‘not amused’. Ik toon mijn paspoort en besef dat ik maar een ding kan doen: ogen neer, excuses aanbieden en wat er ook gebeurd: niet tegenspreken. Engelse politie is anders dan die van Nederland. Nederlandse agenten zijn blij als je niet luistert. Dat scheelt hen een boel papierwerk. Maar een Engelse agent is in staat om je aan te kijken, vast te stellen dat je over tien minuten mee moet met dit vliegtuig , maar dat deze routine controle waarschijnlijk zeker elf minuten zal duren.

Tergend langzaam stelt de agent mij vragen: waarom ik in Engeland ben. Waar ik voor schrijf. En meerdere malen waarom ik zo’n haast had. En hoewel ik van binnen kook van woede, weet ik mij tot mijn eigen verbazing enorm te beheersen. Ik ben zelfs nog in staat om vriendelijk gedag te zeggen als hij me eindelijk aan boord laat. En zelfs een laatste impuls om een niet zo vriendelijk gebaar te maken met mijn middelvinger weet ik te onderdrukken.

Deze keer heb ik  gelukkig wel een  internationaal incident weten te voorkomen.


Theme Tweaker by Unreal