Heilige boeken

Ik zit in de trein naar huis, na een dagje Amsterdam. Uit mijn tas haal ik mijn nieuwe aanwinsten: uitverkoop bij de American Bookstore. Een voor een pak ik de boeken vast, laat mijn hand over de kaft glijden en kijk naar de schreeuwerige maar daardoor juist aantrekkelijke Amerikaanse omslagen. Ik houd van boeken. Van het gevoel, het gewicht. Mijn vader rook ook graag aan boeken. Hij was recensent en wij kregen wekelijks diverse dozen met recensie exemplaren binnen.

Van hem kreeg ik ook het respect voor boeken mee: niet lezen aan tafel (omdat ze dan vies worden), altijd de stof omslag eraf halen als je leest, en vooral nooit de rug breken. Ja dat kan, je kan een paperback prima lezen zonder de rug door te vouwen. Tot op de dag van vandaag kan ik geen boeken lezen waarvan de rug is gereduceerd tot een ribbelige structuur waar het dunne laagje cellofaan van loslaat.

De trein stopt, mensen stappen in. Voor me gaat een meisje zitten van een jaar of twintig. Ze haalt een boek uit haar tas en ze doet iets gruwelijks:

Ze opent het boek op de plek waar ze blijkbaar is gebleven en vouwt de kaft helemaal om, alsof het een tijdschrift is. In gedachten hoor ik mijn vader schreeuwen van afschuw. En zelf voel ik me niet helemaal lekker. Het is alsof iemand voor mijn ogen zijn vingers ver achterover buigt en ze laat knakken.

Ik bijt op mijn onderlip en probeer het gevoel te verdrijven. Ik kijk naar buiten maar in de reflectie van het raam zie ik hoe de martelpraktijk voortduurt. Ik pak een van mijn eigen nieuwe boeken maar onherroepelijk gaan mijn ogen van de gladde, in perfecte staat verkerende, nieuw ruikende exemplaren in mijn hand naar het toegetakelde exemplaar voor me.

“Okay, sorry, maar dit mag niet,” zegt iemand. “Dat is echt doodzonde wat je daar doet.”
Het meisje kijkt verschrikt op en ik realiseer me dat die ‘iemand’ ikzelf was.

“Wat bedoel je?”
“Ja sorry, maar dat doet me echt zeer, wat je met dat boek doet.”

Ze kijkt me verbaasd aan.

Terwijl ik haar uitleg wat mijn probleem is, doe ik mijn uiterste best om niet over te komen als iemand die zijn medicijnen vergeten is.

“Ah, ok,” zegt ze. “Maar dit is geen goed boek, dus dan maakt het toch niet uit?”

Ze draait de kaft weer in een enigszins normale positie en laat me zien dat het ‘maar Chicklit’ is. In gedachte hoor ik het boek zuchten van verlichting, nu het niet meer in de meest gruwelijke onnatuurlijke houding hoeft te zitten, als een slachtoffer die van de pijnbank af mag.

“Ach, als je er plezier aan beleeft is het toch geen slecht boek?” zeg ik.

Ze haalt haar schouders op. “Tja, dat is zo.” Tot mijn onuitsprekelijk verbazing vouwt ze het boek weer terug in zijn oorspronkelijke, onnatuurlijke, vreselijke vorm.

Het lijkt in slow motion te gebeuren. Ik moet mezelf fysiek tegenhouden om me niet als een soldaat die op een granaat duikt op het boek te storten onder het uitroepen van “Neeeeeeeeeee!”

In plaats daarvan verschijnt alleen een grimas op mijn gezicht.

“Oh sorry hoor,” zegt ze, en ze vouwt het romannetje weer terug.

En ik besef: er is nog hoop voor haar.



Leuk? Lees dan ook deze:

4 Comments

  1. Frank

    Het kan nog erger!

    Ik zat een paar jaar geleden tegenover iemand in de trein en die scheurde iedere bladzijde die hij had gelezen uit zijn boek (een paperback) en gooide die in de prullenbak.

    Daarbij valt omvouwen in het niet 😉

    Hij wist uiteraard wil waar hij gebleven was. Ieder nadeel…

  2. Ik zat jaren geleden bij een lezing van Giphart in een bibliotheek. Hij brak de rug van zijn eigen boek en alle bibliothecaresses kreunden van pijn.

    Ik heb het heiligen van boeken zelf heel erg afgeleerd. Als ik ze zelf een gelezen uiterlijk geef, worden ze nog meer van mij. Wat er wel voor zorgt dat ik het niet op tweedehandsjes heb – die blijven voor altijd van iemand anders.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.