Schrijftip: vermijd mooie opschrijfboekjes

Jarenlang ben ik op zoek geweest naar het ideale notitieboekje. Welk boek over schrijven ik ook las, over een ding waren ze het allemaal eens: een schrijver moet een notitieboekje bij zich hebben om goede ideeën meteen vast te leggen.

Ik heb daarom een hele verzameling schitterende exemplaren. Sommige zijn in nep-leer gebonden, anderen zijn kunstig versierd, hebben mooi papier en ademen een sfeer van artisticiteit uit. De meesten blijven onbeschreven.

Dat komt niet omdat ik geen ideeën heb onderweg. Sterker, ik krijg vaak geweldige invallen waarvan ik zeker ben dat ik ze absoluut niet zal vergeten omdat ze hilarisch zijn. En hoewel ik er dan ter plekke zelf heel hard om moet lachen, verdwijnen ze onherroepelijk uit mijn bewustzijn voor ik ze thuis kan vastleggen.

De eerste reden voor dit slechte boekjes-gebruik is dat ik blijkbaar de beste ideeën krijg als ik mijn opschrijfboekje ben vergeten. De tweede is dat de opschrijfboekjes waar ik wel degelijk ideeën in opschrijf, altijd zoekraken. Ergens in ons huis moet een boekje liggen met een gouden idee waar ik nu niet meer op kan komen, maar indien uitgewerkt een boek oplevert waarbij het succes van JK Rowling en Dan Brown verbleken.

Maar de belangrijkste reden is dat ik het vaak ‘zonde’ vind om in die hele mooie opschrijfboekjes te schrijven. Vooral de eerste bladzijde is een soort mentale drempel. Hoe mooier het boekje, hoe minder ik mij waardig vind om een halfbakken idee in neer te schrijven. In een zo mooi boekje horen alleen ideeën die tot Nobelprijzen leiden. Ik weet dat het onzin is. Ik weet dat het de zelfcensuur is in mijn onderbewuste. Die zelfcensuur is echter een heel reële drempel. Gelukkig heb ik er wat op gevonden om die om de tuin te leiden.

Om te beginnen doe ik niet meer aan ‘mooie opschrijfboekjes’. Het werkt niet. Als het al papier is waar ik mijn ideeën aan toevertrouw, moet dat een kassabon zijn of het een of andere stomme notitieblokje dat ik ter promotie van een game heb ontvangen.

Zo kan ik mijn onderbewuste voor de gek houden: als waar ik op schrijf zo minderwaardig is, dan kan ik er gewoon alles op schrijven. En dat ‘alles’ is precies wat ik nodig heb. Zelfcensuur is een van de grootste obstakels bij het bedenken van ideeën.

Veel handiger nog is mijn iPhone, waar ik een programmaatje met de naam ‘Evernote’ op heb gezet. Het grote voordeel van Evernote is dat het alles wat ik noteer meteen ook online opslaat. Zo raak ik geen ideeen kwijt en hoef ik zelfs niet eerst op zoek naar mijn telefoon als ik mijn ideeën wil raadplegen.

Dit nieuwe systeem van ‘lelijk’ schrijf materiaal en mijn telefoon heeft me de afgelopen weken een ware overvloed aan notities opgeleverd. Het grootste deel is waarschijnlijk waardeloos, maar de paar pareltjes zijn in elk geval niet verloren gegaan.



Leuk? Lees dan ook deze:

4 Comments

  1. Helaas. Mijn ideeën krijg ik altijd onder de douche. En tegen de tijd dat ik afgedroogd ben blijft er slechts een vage imprint van de gedachte over die -als ik hem wil opschrijven op de computer- volledig niet tot zijn recht komt. In mijn hoofd loopt alles veel mooier dan dat het via mijn vingers mijn lichaam verlaat.

    Fuck. Waarom lukt het nu wel?

  2. Pingback: Hoe kinderachtig kunnen forumbeheerders zijn | Schrijven online door Em Yeye

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *