De zoektocht naar perfectie: een kerstbomenverhaal

Mijn vriendin begrijpt mijn relatie met kerstbomen niet. Voor haar zien ze er allemaal hetzelfde uit, en is de grootte niet belangrijk. Ze kan tot mijn grote afgrijzen zomaar naar een bolvormige, gedrongen excuus voor een kerstboom toelopen en zeggen ‘deze is mooi’.

Terwijl het volgens mij toch overduidelijk is: nee die is niet mooi. Kerstbomen zijn niet bolvormig. Kerstbomen zien er niet uit als een struik.

De ideale kerstboom is tussen de 180 en 220 centimeter hoog, en perfect kegelvormig. Met andere woorden: breed van onderen (maar niet TE breed) en taps toelopend tot een mooie punt waar een kerstster of piek op past.

Hiervan mag NIET worden afgeweken. Dit is niet open voor discussie. Als we dit soort heel basale en volkomen redelijke esthetische eigenschappen negeren dan… Nee, ik ga niet zeggen dat het dan “een mooie boel” wordt. Want de boel WORDT niet mooi. Niet met een bolvormige struikachtige te kleine kerstboom! Daar is niets moois aan! Dat is rampzalig.

Iedere dag tot aan kerst zou ik ‘s ochtends de huiskamer binnenlopen en dat DING zien staan. En steeds als ik dan toch maar weer de kerstlampjes aandeed, zou het licht, reflecterend op de paarse en gouden slingers, alleen maar accentueren dat ik niet de moeite heb genomen om de goeie boom te vinden.

Het vinden van een goeie boom, betekent naar alle bomen kijken. Ja, juist die ene die helemaal achteraan staat. Het maakt niet uit hoe de verkoper naar me kijkt, en al helemaal niet dat al die mensen achter me staan te wachten om geholpen te worden: ik ben een man met een missie, en die missie is mijn boom (vrij naar Renee Froger).

De goede boom komt dan zeer waarschijnlijk al vroeg voorbij, maar dat wil niet zeggen dat ik hem dan meteen ook kies. Je moet zo’n boom niet het gevoel geven dat je hem zomaar meeneemt. Daar moet hij toch echt wat meer moeite voor doen, door te proberen er extra kegelvormig en 180centimeter grotig uit te zien. Door de verkoper nog een paar bomen van ver achteraan te laten halen, geef ik de ideale boom die kans.

Als ik dan vaststel dat ik inderdaad alle bomen van achteraan heb gezien, en me ervan heb verzekerd dat de verkoper er niet stiekem nog een paar aan de zijkant heeft staan, kan ik mijn aandacht weer richten op die tweede of derde ontdekte boom. Die is op dat moment inderdaad precies 170cm, en loopt net niet taps genoeg toe. Maar hij is om de een of andere reden de afgelopen twee uur mooier geworden dan ik eigenlijk voor mogelijk hield.

Het is een emotioneel moment, zo’n boomkeuze. En als we hem dan eindelijk in de huiskamer hebben staan, en mijn vriendin wijselijk uit mijn buurt blijft terwijl ik vloekend en tierend de kerstlampjes uit de knoop haal, voel ik die echte kerstgevoelens, in de vorm van naalden in mijn sokken.

De perfecte boom. Heerlijk.



Leuk? Lees dan ook deze:

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.