Er komt een man bij de Chinees…

Het was druk bij de Chinees. Kleine knappe oosterse meisjes in strakke zijden jurkjes noteerden bestellingen die door het luikje verdwenen. Maaltijden kwamen in plastic bakjes uit hetzelfde deurtje en werden vaardig in grauw papier gepakt. Ik gaf mijn standaard gerecht, babi bangang met nasi, op, en ging zitten bij de leestafel. Er waren nog twee stoelen vrij. Een man naast me had de Telegraaf al te pakken dus moest ik het doen met een tijdschrift voor restauranthouders. De deur ging open en er kwam iemand binnen. Hij nam de stoel naast me die nog vrij was. Ik was nu te veel verdiept in een artikel over servetvouwen om echt te kijken. Om me heen stierf het rumoer weg alsof iemand een speech zou gaan houden. Ik liet het tijdschrift zakken. De andere gasten keken strak voor zich uit. De vrouw die aan de beurt was bij de balie bestelde snel een Indische Rijsttafel Met Bami terwijl ze nadrukkelijk niet in mijn richting keek. Reflexmatig voelde ik of er iets raars aan mijn neus hing. Nu viel het me op dat de mensen tegenover me niet alleen stil waren maar met meer dan normale belangstelling de punten van hun schoenen bestudeerden. Een vrouw in de hoek was de enige die wel openlijk naar me keek. Of nee, niet naar mij: naar de man die naast me was komen zitten. Haar ogen waren groot en zweet parelde op haar voorhoofd. Haar mond stond een klein beetje open. Ze zag dat ik naar haar keek en sloeg betrapt de ogen neer. Enigszins bezorgd keek ik nu naar links. Daar zat een man van middelbare leeftijd, gekleed in een ouderwetse bruine regenjas en driedelig pak. Hij was licht kalend en verder volledig onopvallend afgezien van de enorme krop die onder zijn kin hing. Het ding had het formaat van een grapefruit. Het zou een tweede hoofd kunnen zijn maar was volledig glad. Zijn hals zag er uit als een slang die een dier probeert door te slikken dat veel groter is dan hijzelf. Het was fascinerend. Ik kon er mijn ogen secondenlang niet van af houden. De man draaide zijn hoofd in mijn richting. Ik dwong mezelf om in plaats van naar de krop naar zijn ogen te kijken.
‘Goedenavond,’ zei ik.
De man knikte werktuigelijk, gromde wat en negeerde me verder. De krop bungelde een beetje heen en weer. Een aantal gasten keek nu rechtstreeks naar de bult vlees, zoals mensen in slechte films staren naar het horloge van de hypnotiseur.
De deur ging weer open. Een vrouw van een jaar of dertig en een jongetje van hooguit zes jaar oud kwamen binnen. Het ventje praatte met luide stem over wat opa wilde eten en waarom hij geen tank voor zijn verjaardag mocht en herhaalde een aantal maal dat hij geen scherpe dingen wilde eten.
‘Ga maar een kaart pakken,’ zei zijn moeder. Daarna keek ze op, zag de krop en sloeg haar hand voor haar mond. Het kind zag de man nu ook en staarde met grote ogen naar de vlezige homp. De gasten hielden de adem in, en richtten hun aandacht nu op het kind. Zelfs de oosterse serveersters keken nu van het jongetje naar de man en terug, alsof z een belangrijke pingpongwedstrijd volgden. De man met de krop kreeg een rood hoofd en staarde strak naar het rode tapijt.
‘Hij heeft een krop!’ riep ik. Ik stond op en wees naar de man.
‘Een enorme krop!’
De man keek me verbijsterd aan. De andere gasten staarden me ongelovig aan. Monden vielen open en ademhalingen stokten.
‘Kijk dan!’ zei ik vrolijk en op luide toon, ‘Allemachtig. Ik heb nog nooit zo iets gezien!’
Nog steeds zei niemand iets.
Het luikje achter de balie schoof open en twee plastic bakjes werden naar voren geschoven. Een van de serveersters pakte het werktuigelijk in.
‘Nummel tweeënveeltig,’ zei ze.
‘Ja,’ zei ik.
‘Sambal bij?’
‘Graag.’
Ik pakte het plastic tasje aan en liep naar de deur.
‘Goedenavond,’ zei ik en liep naar buiten.



Leuk? Lees dan ook deze:

    Geen

One Comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.